De KNMvD is opdrachtgever voor het ontwikkelen van Richtlijnen voor veterinair handelen. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met de (vak)groepen van de KNMvD, praktiserend dierenartsen en andere experts. De richtlijnen geven de professionele standaard aan voor alle dierenartsen bij het maken van bepaalde veterinaire beleidskeuzes en - beslissingen. Zij vertalen het best beschikbare bewijs naar de praktijk. De richtlijnen geven hiermee feitelijk invulling aan de open norm van het zorgvuldig uitoefenen van de diergeneeskunde zoals die beschreven staat in de Wet op de Uitoefening van de Diergeneeskunde/Wet Dieren. Zij ondersteunen de dierenarts in de verdere professionalisering van het vak.

Afwegingen
Het ministerie van Economische Zaken subsidieert de ontwikkeling van de eerste 10 richtlijnen voor dierenartsen. Met de richtlijnen willen de overheid en de KNMvD de positie van dierenarts verstevigen en handvatten bieden. De dierenarts vervult namelijk een sleutelrol in het verbeteren van dierenwelzijn, diergezondheid, voedselveiligheid en de volksgezondheid. Hij moet voortdurend afwegingen maken tussen het belang van het dier, de eigenaar, het publieke belang en het eigen belang. Soms staan deze belangen op gespannen voet met elkaar.

Onderwerpen
Een richtlijn draagt bij aan het oplossen van een knelpunt, controverse of risico in het veld. Het is dus niet zo dat elke situatie uit de praktijk een richtlijn krijgt. Richtlijncommissies bepalen welk onderwerp het meest in aanmerking komt. Zij bepalen ook welke richtlijn toe is aan revisie. Deze commissies bestaan uit 4 tot 8 ervaren praktiserende dierenartsen, ondersteund door een groepsmanager van de KNMvD. Naast de richtlijncommissies die worden benoemd door respectievelijk de GGL, GGG en GGP is er ook een richtlijncommissie die onderwerpen voor generieke richtlijnen selecteert. Deze laatste valt onder het bestuur van de KNMvD en bestaat uit beleidsmedewerkers van de KNMvD.

Voor de volgende onderwerpen zijn richtlijnen vastgesteld:

1. Antimicrobiële middelen bij het droogzetten van melkkoeien (link)
2. Bacteriële urineweginfecties bij hond en kat (link)
3. Bacteriële huidinfecties bij hond en kat (link)
4. Streptococcus suis bij gespeende biggen (link)
5. Verslaglegging (link)
6. Methodisch handelen (link)
7. Toepassen van antimicrobiële middelen (link)
8. Otitis externa bij hond en kat (link)
9. Rhinopneumonie bij het paard (link)
10. Erfelijke aandoeningen en schadelijke raskenmerken bij honden en katten (link)
11. Veterinair handelen bij vleeskuikens rondom de opzet en eerste levensweek op het vleeskuikenbedrijf (link)

De volgende richtlijn is gepubliceerd, maar nog niet vastgesteld:
12. Veterinair handelen bij vleeskalveren in de eerste acht weken na opzet op het vleeskalverbedrijf (link)

Voor de volgende onderwerpen worden richtlijnen opgesteld:

  • Hygiëne, reiniging en desinfectie 
  • Respiratoire aandoeningen bij varkens

Uw expertise
U kunt helpen door ons uw opmerkingen of suggesties door te geven over nieuw verschenen richtlijnen. De KNMvD ontvangt graag uw feedback via richtlijnen@knmvd.nl.

Meer informatie
Procedures voor de ontwikkeling van KNMvD-richtlijnen voor veterinair handelen (pdf)
Infographic, hoe komen richtlijnen tot stand (pdf)
Richtlijnen van kracht (pdf)
QenA over richtlijnen (pdf)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  •