De richtlijn Rhinopneumonie bij het paard heeft als doel dierenartsen een overzicht te geven van de drie klinische vormen van rhinopneumonie bij het paard. De richtlijn doet aanbevelingen over het bevestigen van de klinische diagnose, de behandeling van de verschillende vormen van klinische rhinopneumonie en de management- en preventiemaatregelen die de dierenarts de eigenaar kan adviseren.

Rhinopneumonie bij het paard is een virusinfectie die veroorzaakt kan worden door het Equine herpesvirus type 1 of type 4. De aandoening kent drie klinische verschijningsvormen: de respiratoire vorm (verkoudheidssymptomen), de abortusvorm (abortus en soms de geboorte van zwakke veulens die binnen enkele dagen sterven) en de neurologische vorm (ook wel Equine Herpesvirus Myeloencephalopathy – EHM genoemd).

De richtlijn is 24 maart 2015 gepubliceerd en is door het bestuur van de KNMvD 30 juni 2015 vastgesteld.

De richtlijn is opgesteld door een daartoe geïnstalleerde, multidisciplinaire werkgroep, in opdracht van het bestuur van de KNMvD. De richtlijn vertegenwoordigt de geldende professionele standaard ten tijde van de opstelling en is niet te beschouwen als wettelijk voorschrift.

De richtlijntekst is opgedeeld in drie delen. Deel 1 geeft in het kort de belangrijkste aanbevelingen weer. Deel 2, de hoofdtekst, bevat de toelichting op deze aanbevelingen. De onderbouwing van de aanbevelingen vindt u in deel 3: de eindnoten. De urgentie van een aanbeveling is afhankelijk van de kwantiteit en kwaliteit van het onderliggende bewijs. Deze urgentie blijkt uit de bewoording van de aanbevelingen.

Lees hier de hele richtlijn of bekijk de bijbehorende stroomdiagrammen: